De nieuwste video vind je hier! Het vierde en laatste interview: Joost in Australie !

donderdag 6 januari 2011

Albany - Bremer Bay - Esperance 20-23 December 2010


Zoals jullie misschien al hebben gemerkt, kunnen we niet direct na het beleven van 'nieuwe avonturen' blogberichten plaatsen. Dus vandaar telkens een nieuw verhaal wat alweer een week (of twee ) heeft plaatsgevonden.

Nadat we in het National Park bij Broke Inlet hadden overnacht, waren we wel aan een lekkere douche toe en even ontsnappen aan het bed in de auto (en al de inhoud die onze slaapkamer/ vervoersmiddel met zich meebracht). We besloten daarom in het stadje Albany een slaapplek te zoeken, dit keer een budget hotel. 
Op weg naar Albany namen we een afslag, zodat we bij Walpole uitkwamen. In Walpole was weer een mooi National Park, waar dit keer de bomen ook de daadwerkelijke attractie waren. Een Tree Top Walk was hier gerealiseerd en je kon op zo'n 40 meter boven de grond wat wiebelig en onwennig van boom tot boom lopen. Deze bomen zijn eeuwenoude, typisch Australische (Karri) bomen waar in, onder en boven veel dieren leven.  Het fijne was dat je door deze boom-loopbruggen heen kon kijken, dus als je ook maar een klein beetje last van hoogtevrees hebt....succes ;).
Tree Top Walk in the Valley of the Giants, Walpole
 Wel was het een aparte ervaring om op zo'n hoogte een beetje te ervaren wat vogels kunnen zien, wanneer ze zo hoog in de boomtoppen zitten of er tussendoor vliegen.
Het rook heerlijk naar de bomen en planten in de omgeving en de vogelgeluiden maakten de hele ervaring af. Na een korte wandeling op grote hoogte was ik blij weer op vaste grond te staan en hebben we in het souvenirs winkeltje nog wat gekocht. Een kaart waarmee we 's nachts eindelijk eens de sterren konden gaan bekijken, lag toevallig in het winkeltje op ons te wachten. Erg leuk, want we wilden graag eens naar de sterren staren in Australie...je kan er namelijk zoveel zien hier wanneer je in de afgelegen gebieden zit. Met de kaart konden we terugkijken hoe de formaties heetten. 
avonddrukte in Albany
Maar, een avond even weg uit de auto was alles wat we wilden. Dus na een warme douche en na de antenne van de tv wat heen en weer te hebben gewiebeld..hadden we iets minder sneeuw op het tv kanaal en konden we uit eten gaan. 
Albany was in de avond al gauw uitgestorven en toen bleek dat in de bar van hotel ook niemand aan de bar zelf hing, hebben we ons maar teruggetrokken naar de hotelkamer om wat tv te kijken en vroeg in slaap te vallen. 

De volgende dag gingen we naar een van de highlights in Albany, het Walvissencentrum. Dit was in werkelijkheid tot 1978 nog een werkend station geweest voor de walvissenvangst. Als laatste actief in Australie, maar nu omgedoopt tot museum en informatiecentrum voor alles wat je wil weten van het station, (het vangen van) walvissen, de boten en de arbeiders. 


Hoewel het best een trieste plek was, doen ze er wel alles aan om nu iedereen zoveel mogelijk te informeren over hoe het eraan toe ging tijdens de walvissenvangst. Het proces van het opjagen, vangen, slepen, snijden en opslaan van de blubber wordt stapsgewijs en duidelijk uitgelegd door vrijwillgers en door middel van interactieve media. Op deze manier is het toch nog "leuk" om in een grote martelkelder te staan ;). Grote skeletten van walvissen, hun blubber en zelfs een... enorm geslachtsdeel...vind je terug in de barakken. Met het geluid van de zee op de achtergrond, kan je er niets aan doen dan je toch wel een beetje schuldig voelen naar de arme walvissen toe. 
de kaak van een Walvis
Al met al toch zeker wel de moeite waard om eens te bezoeken als je langs de Zuid West kust van Australie rijdt!











Na de afstand van de reis die volgde wat verkeerd ingeschat te hebben, verlieten we Albany en reden we richting Esperance. Deze weg bestaat voornamelijk uit Niets en het was aardig op temperatuur terwijl we door het bush en outback landschap reden. We beseften dat we door het bezoek aan het Walvissen centrum wel iets te laat weg waren gereden uit Albany. Esperance zouden we niet op tijd voor het donker halen en in de bush of outback in het donker rijden is zeker af te raden, vanwege ongelukken die kunnen ontstaan met overstekende kangaroes. We sloegen af en gingen daarom naar Bremer Bay. In onze ervaring was het overnachten meer aan de kust altijd aangenamer dan in het binnenland, meer wind en minder muggen. Bremer Bay bestond uit vrijwel niets, enkele winkels..een tankstation...twee caravanparks maar blijkbaar wel een geweldige kust met wat strandjes! De camping was boven verwachting erg netjes en groen.
De volgende ochtend, voordat we verder naar Esperance reden, bezochten we nog twee strandjes in Bremer Bay..en wat was dat geweldig! Helemaal alleen stonden we op een strand met wit, knisperend zand..en een super blauwe zee. Na wat foto's te hebben gemaakt moesten we daarna echt weer verder helaas.




Na nog meer Niets onderweg, reden we Esperance binnen. De hitte van de outback werd ingewisseld voor bewolking en een sterke wind. In plaats van op een camping te staan en dit trieste weer reden we daarom door naar een hostel. Hier konden we ook weer even binnen relaxen of op de veranda zitten...en koken in een echte keuken. Het deed ons zelfs een beetje denken aan het Stagehuis in Sydney...behalve dat er zoveel Duitser rondliepen dan ;).
Achteraf vragen we ons eigenlijk af waarom we helemaal naar Esperance zijn gereden, want de ochtend daarop moesten we al vroeg verder rijden richting Hyden (zo'n 400 km het binnenland in). We hebben dus vrijwel niets gezien in en om Esperance en het gure weer maakte het ook niet meer zo aantrekkelijk er langer te blijven.
Maar ja...we ZIJN er in ieder geval geweest..kan je dan zeggen ;).



zondag 26 december 2010

Prevelly - Augusta - Windy Harbour - Banksia Camp 17 - 19 December

Doordat we dus de surfplank van Steef binnenkort moesten gaan ophalen, hebben we onze dagen iets anders moeten inplannen. Dit hield in dat we ook iets minder tijd hadden om te trip naar Esperance te kunnen maken. We hadden met Darryl afgesproken om net voor de kerst weer langs Singleton te rijden en de plank mee te nemen, daarna zouden we langs Perth naar boven rijden om in Yanchep tijdens de kerst op een camping te staan. Voor de zekerheid hebben we al vooruit gebeld en gereserveerd, want blijkbaar gaan veel Australiers zelf vanaf de kerst kamperen.
Na Prevelly en Margaret River was het een korte rit naar Augusta, met wederom een kust waarvan je alleen maar " oooooh" kan zeggen.
Historic water wheel in Augusta

Nog beter was dat op de camping, direct aan een van de strandjes, je een briljant uitzicht had over de zee. Stond je lekker je avondeten te bbq'en dan keek je zo over een blauwe zee uit en hoorde je de meeuwen boven je hoofd langsvliegen (gelukkig stonden we onder een afdak). Steef heeft in Augusta nog verlekkerd in een visserswinkel gestaan om een hengel en bijbehorende dingen te halen.
Stefan doet een poging met vissen
Vervolgens in een te harde wind ergens zijn lijntje uitgegooid, maar het mocht niet baten. Ooit zullen we een lekker visje kunnen bbq'en ;).







Via Augusta kwamen we aan in Windy Harbour, ach dat windy namen we nu maar voor lief, de camping lag ook weer aan de kust en zorgde voor een lekkere frisse zeelucht. Ook houdt dit over het algemeen de muggen tegen, helaas hadden we die avond de koning der muggen in onze auto die zich niet liet vangen.

Wat leuk was aan deze camping was dat het een erg simpele, maar open camping was. Niet heel druk en om de paar meter een stenen bbq. Waar je dan uit een bak hout kon halen en lekker zelf een vuurtje stoken, altijd gezellig!
Koken op de bbq
Na snel wat gegeten te hebben,
wilden we perse nog langs Salmon Beach daar in de buurt...want daar had je een super mooi uitzicht over..jawel...de kust. Alleen op het laatste moment staken de wolken daar een stokje voor, dag zon...hallo wind.

zonsondergang..met een beetje zon





Toch blijf het daar ongelofelijk mooi qua uitzicht en is het verfrissend om in Australie lege stranden te zien, als je Bondi Beach en de drukke Oost kust gewend bent.

Mandalay Beach bij Broke Inlet

Een nieuwe dag, nieuwe uitdagingen...vandaag zouden we voor de eerste keer echt offroad gaan met onze 4WD. De eindbestemming zou bij Broke Inlet zijn, links van Walpole in een National Park. Het mooie is dat deze National Parks, hier zijn er een heel wat te vinden in Australie, vaak bushcampings hebben. Vaak zijn deze routes alleen te rijden met een 4WD, dus laat nou net het geval zijn dat wij er een hebben!
Nadat we eerder op de reis ergens een paar uur in de bush hadden gereden op zoek naar een meer, zag ik er een beetje tegenop weer bijna ergens te gaan verdwalen. Maar Steef de ontdekkingsreiziger, niemand houdt hem tegen ;-). We zijn ook wel goed voorbereid aan onze auto tocht begonnen moet ik zeggen;  verbandtrommeltje, gereedschap, genoeg eten en water, walkie talkie, luchtcompressor voor de banden en met een heus overlevingsboek voor in de outback zijn we niet de doorsnee toerist in een huurauto. Maar toch als we telkens 'off the beaten track' gaan..dus van de snelweg af...word vooral ik een beetje zenuwachtig.
Uiteindelijk was het de hobbelige tocht door bergen zacht zand zeker waard, want de plek waar we overnacht hebben (in het Banksia Camp) was echt geweldig. Weer direct aan de kust met uitzicht over een baai, grote rotsen en de auto paste mooi verscholen tussen wat bosjes.

Ook hebben we hier een Nederlandse vrouw met Engelse vriend ontmoet. Kleine wereld ook nu weer, sta je in een National Park in Australie op een bushcamping..kom je altijd weer een Nederlander tegen :). Zij woont en leeft zo'n 4 jaar al in Australie samen met haar vriend en zelfs nu dat ze zwanger is waren ze gezellig samen op roadtrip. Erg bewonderingswaardig vond ik dat, want altijd glimlachend liep ze rond terwijl haar vriendje de mooiste verhalen aan ons vertelde.
Na een nachtrust waar je u tegen zegt ( zo goed en vast hebben we die nacht namelijk geslapen) reden we samen met het andere koppel naar de Broke Inlet zelf, weer een hobbelige tocht verder naar beneden. Erg grappig was dat achter hun auto nog een klein rubber bootje hing, die soms een metertje de lucht in sprong wanneer de sterke Landcruiser gas gaf over een hobbel. Het gehobbel was het wederom weer waard, want we kwamen bij een strandje aan waarbij je het gevoel kreeg aan het einde van de wereld te staan. Zo vredig...en zo mooi geplaatst met stenen en groen....het was bijna nep!
Broke Inlet strandje


Inmiddels was het bijna 12 uur in de middag en we wilden die dag nog naar een Tree Walk in Walpole, om vervolgens nog een nieuwe slaapplek te gaan zoeken. Helaas moesten we daarom afscheid nemen van het vredige park en ook onze nieuw gemaakte vrienden. Wij gingen verder naar het oosten en zij gingen terug naar huis in Perth.

Onze auto verscholen in de bosjes in het Banksia Camp


Om te kunnen kamperen in een National Park, is het vaak handig een 4WD te hebben. Soms is het zelfs een must, omdat je anders niet ver kan komen in het park. Om er te kunnen overnachten lees je voor het binnenrijden van het park altijd even het mededelingen bord en wordt er van je gevraagd een kleine fee te betalen voor je overnachting. Er zit verder niemand die het geld van je aanneemt, maar je stopt het samen met wat informatie over jezelf in een brievenbusje. Meestal zal een Ranger later een kijkje komen nemen bij het kamp, maar in ons geval is dat niet zo geweest...we hadden dus ook gratis kunnen overnachten ;). Nu hebben we 7 dollar per persoon betaald.





zaterdag 25 december 2010

Cockburn - Mandurah - Prevelly 14 - 16 December

Op onze eerste camping net onder Fremantle, in het plaatsje Cockburn (tja....what's in a name he?) hadden we een leuke vier-kerst-in-de-zomer ervaring. Toen we de eerste dag in kwamen checken zei de medewerkster dat vanavond "Caroling" zou plaatsvinden. Oftewel, kerstliederen zingen vanaf 7 uur, op het veldje aan het begin van het park. Rond 7 uur waren we het alweer vergeten, totdat we in de verte een zacht gezang hoorden. Iets wat overigens snel harder werd, want er stonden drie medewerksters van het park met versterkend soundsystem uit volle borst te zingen. Begeleid door een kleine band waaronder 3 blazers.
We besloten maar even een kijkje te nemen en om wat vast te leggen op film, aangezien het een voor ons een best apart schouwspel was...zo in de zomer met ondergaande zon. Kinderen van de camping liepen met kerstmutsen op door het publiek  en ook de senioren (inclusief rollator en kerstmuts) hadden een VIP rij vooraan. Na een kwartier hielden we het wel voor gezien, de liedjes waren allemaal in het Engels haha...en aangezien wij van de meesten alleen de Nederlandse versies kennen...was er al gauw niets meer aan.
Het was tijd om te vertrekken uit Cockburn (blijft een belachelijke naam) en op weg te gaan naar Singleton. Daar had Stefan bij een Surfboard Shaper een surfboard besteld, waarvan we het ontwerp eerder in Sydney naar de man hadden gemaild.
Blij als een kind kon Steef niet wachten om het eigen surfboardje in zijn handen te houden. Helaas bij aankomst bleek het een geval van een true blue Aussie....hij was er wel mee bezig maar het was zeker nog niet af. Wel zagen we in grote lijnen hoe tof de plank zou worden, dus dat maakte al een hoop goed. Na een globale nieuwe afspraak te hebben gemaakt met Darryl (" Bel ons maar als hij af is..." ) besloten we een slaapplek te gaan zoeken voor de nacht. Mandurah leek wel een geschikt plaatsje om de tussenstop te maken en we vonden er gelukkig snel een simpele, maar ok camping. De eigenaresse, een hele aardige mevrouw (vind vooral ik ;)) vroeg aan Steef hoe hij aan zo'n mooie vriendin kwam? Maar zei er gelukkig giechelend snel bij: "You're not too bad yourself ;-)".
Die avond was er een kerstparade in het dorp, niet dat wij van de partij waren maar we werden wel door de parade gedwarsboomd omdat we niet bij de drankenzaak konden komen met de auto. Een lekker wijntje of biertje voor het slapen gaan hoort er wel bij op de camping natuurlijk. Lopend richting de winkels kwamen we wat inwoners tegen, die wederom met kerstmutsen, Rudolph geweien en slingers rondliepen. Grappig.
Wat we trouwens op de camping ervoor al hadden gehoord is dat we precies goed getimed in het El Nino seizoen zitten. Iets wat 1 keer in de negen jaar voorkomt...dusssss. Dit houdt in dat het af en toe gigantisch waait en dat het 's avonds flink kan afkoelen, daarnaast regent het op sommige plekken overdreven veel. Op zich wel fijn, dat we 's nachts niet zwetend in een slaapzakje in de auto liggen...maar de wind is af en toe echt too much. Ik weet het...het is gelukkig geen 15 cm sneeuw zoals in Nederland op het moment ;). Maar in je korte broek of rokje is het soms even omschakelen.


De volgende locatie waar we onze camping vonden was Prevelly, bij Margaret River. Een wat meer toeristisch en vooral voor surfers populaire plaats. Vanaf de camping was het een korte rit naar het strand en de kust was hier ook weer fenomenaal. Lange kustlijnen met rotsen en helder blauw water.
Surfklasjes zag je bezig in het water in de verte en ook windsurfers waren ver op het water met hoge golven geweldige stunts aan het uithalen. Over het algemeen weinig toeristen en vooral Australiers op vakantie, maar dit geldt wel voor de hele reis de we tot nu toe hebben afgelegd langs de kust. Wij hebben ons er wel op verkeken dat er eigenlijk overal niet zoveel te doen is, de campings liggen vaak buiten het centrum van de stad (als er al een centrum is) en iedereen heeft hier een ritme van slapen rond 9 a 10 uur in de avond en om 6 uur opstaan. Iets wat wij ook snel hebben opgepakt, want de zon gaat al rond half 8 onder hier in de zomer.

Op de camping in Prevelly stonden wij naast een man Stephen (of Steve zoals hij het zelf liever heeft) en zijn zoon Mitchell. Twee nachten zouden wij hier overnachten en gelukkig konden we het al snel goed vinden met de beste man. Gezellig samen de eerste avond bij het kampvuur over het leven praten in Australie en Nederland.
Steve had sinds een paar weken een heel lief en jong hondje bij zich, een Kelpie (een typische Australische hond). Het is een ras wat ook gebruikt wordt voor o.a. het schapen herden, dus hij was echt onvermoeibaar. Buster was vaak aan het rennen en bezig je mouw een maatje groter te maken en op het andere moment lag hij vredig slapend aan je voeten.
Steve was met zijn (jonge) 47 jaar onlangs gepensioeneerd, zijn huis verkocht, gezorgd dat hij geen schulden meer had en besloten om Australie rond te trekken. Zolang het kon en hij zich er fijn bij voelde. Zijn zoon kon hem nu zo'n 4 weken vergezellen vanwege de kerstvakantie en ook hij leek als een vis in het water op de camping. Erg leuk om Steve te horen klagen over de vroegere vrouwen in zijn leven en waar hij naar op zoek was. Wie weet ging hij nog naar Thailand en haalde hij er daar maar een vandaan, want die Australische vrouwen waren maar te complex en keken teveel televisie.
Op een van de ochtenden namen ze ons mee naar een mooi surfstrand in de buurt, zodat we naar hun surfkunsten konden kijken. Helaas waren er geen al te beste golven en hebben we boterhammen met pindakaas en jam gedeeld op het strand. Toen hij vroeg hij oud we eigenlijk waren, zei hij dat hij ons beiden op maximaal 25 jaar had geschat. Stefan knikte hierbij bevestigend, maar aangezien ik over twee maanden alweer 29 word was ik blij verrast. Toen zei Steve dat hij wel had ervaren dat bij mensen zoals wij die rondreizen en gelukkig zijn, het vaak moeilijk is de juiste leeftijd in te schatten. Omdat het gelukkig zijn er al wat jaartjes afhaalt.
Wij vroegen daarop aan Mitchell hoe oud hij was (wij dachten 16) en toen hij zei 14 jaar..maakte hij het een beetje ondeugend af met..." Yeah..I'm just happy.. ;) ".

Na twee avonden met hun bij het kampvuur te hebben gezeten, wijn en verhalen te hebben gedeeld, ik twee gigantische shampoo en conditioner flessen van Steve kreeg (zijn andere zoon was namelijk kapper) moesten we afscheid van ze nemen. Alsof we familie achterlieten in Prevelly reden we weg, hopend dat we ze misschien nog een keertje tegen zullen komen ergens tijdens de reis.

vrijdag 24 december 2010

Perth en Fremantle 10 -13 December 2010

Vliegen van Sydney naar Perth duurt ongeveer 4,5 uur, dus dat is een tijd waar nog wel mee te leven is. Nadat we in Sydney zelf hadden ingechecked, inclusief baggage, konden we door de douane. Dat is trouwens weer een nieuw iets van Qantas, er staat bijna geen personeel meer en je kan heel futuristisch lekker alles zelf doen.
Eenmaal bij de douane vond de beambte het erg grappig een "piep-piep-piep-piep" geluid te maken, toen ik door het controle poortje liep. Waarna ik alleen maar op z'n Haags verontwaardigd: " Nah...!" kon zeggen...en hij op z'n Australisch reageerde met..."Neh..." (en er ook bij lachen). Leuk die communicatie zonder grenzen.
Helaas werd ik wel weer steekproefgewijs door de volgende beambte gevraagd of dat ik mijn bagage even wilde laten doorzoeken op explosieven. Of ik wist hoe het werkte, vroeg ze... Ik antwoordde dat ik het weleens op tv had gezien, in zo'n vliegveld programma. Vervolgens ging er een soort grote wattenstaaf snel en zonder daadwerkelijk contact over mijn lichaam en in de tassen. God...wat zou er toch zijn gebeurd als er Positive was verschenen in het computerschermpje van de vrouw........? De uitslag was natuurlijk Negative dus we konden verder naar de gate.

In Perth kwam weer snel onze baggage over de band, klaar om mee te nemen. Redelijk gaar van de vliegreis, met veel turbulentie, belde Steef Mitch op om te melden dat we aan waren gekomen. Hij zou ons ophalen van het vliegveld met de auto, ONZE auto.
Groter dan ik me kon herinneren van de foto's kwam de zilveren Mitsubitshu Pajero de hoek om. In super goede staat en natuurlijk het stuur aan de rechterkant werd de Pajero aan ons overhandigd. Die nacht zouden we voor laatste keer nog even "luxe" in een hotel slapen, om de volgende dag op jacht te gaan voor alles wat we nodig hadden om er een woon auto van te maken.
Om half 7 ging de wekker en na wat gestuntel met onze tassen en koffer door de smalle gangen van het hotel propten we ze in de auto en gingen we op weg. Steef had een lijstje gemaakt met winkels die we konden bezoeken voor onder andere het hout voor het bed, de matras, de koelbox en gereedschap. Om deze ervaring even heel kort samen te vatten: 30 graden Celcius, volle zon, sjouwen, timmeren, boren, schroeven, winkels kwijt raken op de kaart en voor het gevoel duizend rondjes rijden in de buitenwijken van Perth. Het hele proces van de auto gereed maken, heeft ons uiteindelijk 2 a 3 dagen geduurd. Lachwekkend, helemaal toen we erachter kwamen dat een kwartier van de camping waar we zaten een straat zat met alle winkels die we nodig hadden. Ach...weer wat geleerd. ;)

Op de weg naar een nieuwe camping kwamen we enkele bordjes tegen waar "garage sale" op stond. Bij de derde besloten we maar eens een kijkje te nemen, we waren namelijk nog op zoek naar borden, bestek en pannen. En ja hoor...een aardige oude meneer stond in de garage van zijn zoon wat zooi te verkopen. Een doos was gevuld met oud servies en bestek, dus wij keken elkaar hoopvol aan. 10 Dollar voor de gehele doos, stond erop. Meenemen dus! We konden later wel uitzoeken wat we konden gebruiken en wat we weg zouden doen. Een beetje melig laden we alles in de auto, maar ook trots dat we hier geld op hadden bespaard.
De camping (een Big4, Aspen Park), beviel ons prima en zorgde in ieder geval voor de tweede en de derde nacht (op een camping) voor een rustige beginplek van de reis met de 4WD. Het lag net onder Fremantle, wat een ouder gedeelte is van de stad Perth. Veel relaxter, minder auto's en rennende zakenlui, met ook de nodige restaurants, winkeltjes en bars. Waarschijnlijk een leukere plek om als backpacker te verblijven dan Perth zelf.
Nadat we alles hadden gekocht, Stefan klaar was met timmeren, rechttrekken en alles een plek te hebben gegeven in de auto...waren we travel-proof. Ready to go!